Stufen

Wie jede Blxfcte welkt und jede Jugend
Dem Alter weicht, blxfcht jede Lebensstufe,
Blxfcht jede Weisheit auch und jede Tugend
Zu ihrer Zeit und darf nicht ewig dauern.
Es muxdf das Herz bei jedem Lebensrufe
Bereit zum Abschied sein und Neubeginne,
Um sich in Tapferkeit und ohne Trauern
In andre, neue Bindungen zu geben.
Und jedem Anfang wohnt ein Zauber inne,
Der uns beschxfctzt und der uns hilft, zu leben.

Wir sollen heiter Raum um Raum durchschreiten,
An keinem wie an einer Heimat hxe4ngen,
Der Weltgeist will nicht fesseln uns und engen,
Er will uns Stufx91 um Stufe heben, weiten.
Kaum sind wir heimisch einem Lebenskreise
Und traulich eingewohnt, so droht Erschlaffen;
Nur wer bereit zu Aufbruch ist und Reise,
Mag lxe4hmender Gewxf6hnung sich entraffen.

Es wird vielleicht auch noch die Todesstunde
Uns neuen Rxe4umen jung entgegen senden,
Des Lebens Ruf an uns wird niemals enden,
Wohl an denn Herz, nimm Abschied und gesunde!

xa9 Hermann Hesse

Even we just have met once
ages ago, like some sparrows
in a cuckoo's nest.

You did left a memory behind.

For my heart was lost and full of night
I saw a light in you
that made my Sahara less.

And all though you can't see
through my eyes, and you can't know
how you moved me from and out of my past.

It doesn't matter; you left a mark
that will remain steady as oceans breath.

- you are more natural
than your knowledge beholds
yourself –

~~

zoals het overkoepelend blauw
naar pasteltinten wisselt
en de eeuwigheid wordt bevestigd
door de oneindigheid van het heelal

zoals vogels elke ochtend hoger zingen
en in den avond hun stem zwaarder en voller
de ondergaande zon tot slaap begeleidt

zo vergaan mijn gedachten
als een wolk doorheen de spiegeling
van de werkelijkheid
hoe dicht en vredig afscheid wordt getoond

in elke vezel dat ademt en beweegt
de souplesse van eenvoud
waaruit nieuwe stroken licht ontstaan
en een ver verleden dag
als herinnering achterblijft

~~

Geen komen, geen gaan

Dit lichaam is niet ik.
Ik ben niet gevangen in dit lichaam,
Ik ben leven zonder grens.
Ik ben nooit geboren en ik sterf nooit.

Kijk naar de oceaan en naar de hemel vol sterren,
manifestaties van mijn wonderlijke, ware geest.

Sinds de tijd zonder begin, ben ik altijd vrij geweest.
Geboorte en dood zijn slechts deuren waar we doorheen gaan,
heilige drempels op onze reis.
Geboorte en dood zijn een verstoppertjesspel.

Dus lach met mij,
houd mijn hand vast,
laten we elkaar gedag zeggen,
gedag zeggen om elkaar weer te ontmoeten.
We ontmoeten elkaar vandaag,
we zullen elkaar morgen ontmoeten,
we ontmoeten elkaar ieder moment aan de bron,
we ontmoeten elkaar in alle vormen van het leven

xa9 Thich Nhat Hanh

Geen komen, geen gaan

Dit lichaam is niet ik.
Ik ben niet gevangen in dit lichaam,
Ik ben leven zonder grens.
Ik ben nooit geboren en ik sterf nooit.

Kijk naar de oceaan en naar de hemel vol sterren,
manifestaties van mijn wonderlijke, ware geest.

Sinds de tijd zonder begin, ben ik altijd vrij geweest.
Geboorte en dood zijn slechts deuren waar we doorheen gaan,
heilige drempels op onze reis.
Geboorte en dood zijn een verstoppertjesspel.

Dus lach met mij,
houd mijn hand vast,
laten we elkaar gedag zeggen,
gedag zeggen om elkaar weer te ontmoeten.
We ontmoeten elkaar vandaag,
we zullen elkaar morgen ontmoeten,
we ontmoeten elkaar ieder moment aan de bron,
we ontmoeten elkaar in alle vormen van het leven

xc2xa9 Thich Nhat Hanh

In deze zeexebn die ik mij verkoos,
lig ik verdronken, eindeloos
diep op den bodem, zonder wil.
Het water boven mij staat stil.

Zo ben ik in een transparanten doos
geklonken, ver van storm en hoos
stortzee en vloed – mijn hart doet pijn,
het wil een snelle zeemeeuw zijn,

een zil'vren vis, beweeg'lijk in den stroom.
Maar als een anemoon, die loom
on donker water wiegt en deint
en aan het eigen spel verkwijnt,

sta ik geworteld in vervloekte rust,
van tij noch keertij mij bewust,
diep op den bodem zonder wil.
Het water boven mij staat stil.

 xa9 Hella Haasse
uit: stroomversnelling 1945

In deze zeexc3xabn die ik mij verkoos,
lig ik verdronken, eindeloos
diep op den bodem, zonder wil.
Het water boven mij staat stil.

Zo ben ik in een transparanten doos
geklonken, ver van storm en hoos
stortzee en vloed – mijn hart doet pijn,
het wil een snelle zeemeeuw zijn,

een zil'vren vis, beweeg'lijk in den stroom.
Maar als een anemoon, die loom
on donker water wiegt en deint
en aan het eigen spel verkwijnt,

sta ik geworteld in vervloekte rust,
van tij noch keertij mij bewust,
diep op den bodem zonder wil.
Het water boven mij staat stil.

 xc2xa9 Hella Haasse
uit: stroomversnelling 1945


 

Poxebzie

Volgens Remco genas Voltaire zichzelf van de pokken
door het drinken van 120 liter limonade.
En dat dat poxebzie was.

In xe9xe9n maaltijd at Balzac een honderdtal oesters,
twaalf koteletten, een eend met knolrapen, een
tong normande, en voor de stoelgang een peer of zeven.
En vier flessen Loire-wijn.
Is dat ook poxebzie, Remco?

In Engeland liggen elfduizend kinderharten op ijs.
Poxebzie?

En zij die 's nachts in bed kabbelt en sabbelt
aan haar bruidsjurk van twintig jaar geleden?
Kan zij onbewezen blijven
zoals poxebzie?

xa9 Hugo Claus
uit "De groeten"

Eb  

Ik trek mij terug en wacht.
Dit is de tijd die niet verloren gaat:
Iedere minuut zet zich in toekomst om.
Ik ben een oceaan van wachten,
waterdun omhuld door 't ogenblik.
Zuigende eb van het gemoed,
dat de minuten telt en dat de vloed
diep in zijn duisternis bereidt.

Er is geen tijd. Of is er niets dan tijd?

xa9Maria Vasalis